Tendinopathie schouder: verschil met een klassieke ontsteking

Tendinopathie is een overkoepelende term voor aandoeningen van de pees waarbij structurele weefselveranderingen centraal staan, niet een klassieke ontstekingsreactie.

  • Tendinitis: acute fase, relatief korte duur (dagen tot enkele weken), klassieke ontstekingskenmerken zoals warmte, zwelling en roodheid kunnen aanwezig zijn
  • Tendinopathie: chronisch of subacuut proces, structurele weefselverandering, weinig tot geen klassieke ontstekingskenmerken, maar wel aanhoudende pijn en verminderde belastbaarheid
  • Tendinose: subtype van tendinopathie waarbij degeneratie van het weefsel op de voorgrond staat, zonder ontsteking

In de praktijk worden de termen nog door elkaar gebruikt, ook door zorgverleners. Bij Basis fysiotherapie hanteren we de actuele inzichten: we spreken van tendinopathie zodra klachten langer dan zes weken aanhouden en het weefselgedrag wijst op een structureel proces.

Welke structuren in de schouder zijn betrokken?

Bij tendinopathie van de schouder zijn de pezen van de rotatormanchet het vaakst aangedaan, met de pees van de m.supraspinatus als meest voorkomende locatie.

De rotatormanchet bestaat uit vier spieren met bijbehorende pezen:

  • M. Supraspinatus: loopt door de subacromiale ruimte en is gevoelig voor compressie bij armheffing
  • M. Infraspinatus: betrokken bij buitenwaartse rotatie, vaker aangedaan bij sporters met overhandse bewegingen
  • M. Subscapularis: aan de voorzijde van het schouderblad, minder zichtbaar maar functioneel essentieel
  • M. Teres minor: werkt samen met de infraspinatus bij rotatie

Naast de rotatormanchet kan ook de pees van de lange kop van de m.biceps betrokken zijn. Deze pees loopt door het schoudergewricht en raakt frequent geïrriteerd bij herhaalde bewegingen of in combinatie met rotatormanchetpathologie.

De locatie van de pijnklacht geeft een eerste aanwijzing over welke pees betrokken is. Pijn aan de boven- en buitenkant van de schouder wijst doorgaans op de m. supraspinatus. Pijn meer naar voren wijst op de m.bicepspees of m. subscapularispees.

Hoe herken je tendinopathie aan het klachtenpatroon?

Tendinopathie van de schouder heeft een kenmerkend klachtenpatroon dat zich onderscheidt van een acute ontsteking: de pijn is belastingsafhankelijk, reageert traag op rust en keert terug bij hervatting van activiteit.

Typische kenmerken van tendinopathie in de schouder:

  • Geleidelijk ontstaan: geen duidelijk moment van blessure, klachten bouwen op over weken of maanden
  • Startstijfheid: pijn of stijfheid bij het begin van een beweging, die na enige opwarming tijdelijk afneemt
  • Pijnlijke boog: ongemak bij het zijwaarts heffen van de arm, vaak tussen 60 en 120 graden
  • Toename na belasting: pijn die uren na activiteit erger wordt, niet direct tijdens
  • Nachtpijn: met name bij liggen op de aangedane schouder, door de druk op de pees
  • Fluctuerend beloop: goede en slechte periodes wisselen elkaar af, afhankelijk van de belasting
  • Krachtsverlies: verminderd vermogen bij bovenhands werken, tillen of gooien

Kenmerkend is ook wat er niet aanwezig is: bij chronische tendinopathie ontbreekt meestal de typische warmte, roodheid of zichtbare zwelling die bij een acute ontsteking wel zichtbaar zijn.

Een aandoening die overlap vertoont maar andere kenmerken heeft, is de frozen shoulder, waarbij bewegingsbeperking centraal staat in plaats van belastingspijn. Ook SAPS (subacromiaal pijnsyndroom)vertoont een vergelijkbaar klachtenpatroon maar verwijst meer naar een t mechanische component dan naar de weefselkwaliteit zelf.

Wat zijn de meest voorkomende oorzaken?

Tendinopathie van de schouder ontstaat vrijwel altijd door een langdurige mismatch tussen de belasting op de pees en het herstelvermogen van het weefsel.

De meest voorkomende bijdragende factoren zijn:

  • Herhaalde bovenhands bewegingen: bij sporters (zwemmers, volleyballers, werpers) en beroepen zoals schilders of lassers
  • Spieronevenwicht in de rotatormanchet: zwakte van de externe rotatoren in combinatie met overactiviteit van de deltoideus of trapezius
  • Verminderde scapulaire stabiliteit: een schouderblad dat niet goed beweegt, verhoogt de piekbelasting op de pees bij elke armbeweging
  • Abrupte toename van trainingsbelasting: te snel meer volume of intensiteit zonder voldoende aanpassing van het weefsel
  • Leeftijdsgerelateerde weefselveranderingen: na het veertigste levensjaar neemt de doorbloeding van de pees af, wat herstel vertraagt
  • Eerder doorgemaakte blessures: niet volledig gerevalideerde schouderklachten laten zwakke plekken achter
  • Anatomische factoren: zoals een haakvormig acromion dat de subacromiale ruimte structureel verkleint

Wil je weten of jouw schouderklachten passen bij tendinopathie of een ander beeld? Bij Basis fysiotherapie starten we met een grondige beoordeling van het klachtenpatroon en de belastbaarheid. Neem contact op en bespreek je klachten met een van onze fysiotherapeuten.

Veelgestelde vragen over schouder tendinopathie

  • Soms verminderen klachten tijdelijk bij rust, maar zonder aanpak van de onderliggende oorzaken zoals spieronevenwicht of bewegingspatronen keert de tendinopathie doorgaans terug bij hervatting van belasting. Spontaan volledig herstel is zeldzaam bij chronische gevallen.
  • Via klinisch onderzoek met provocatietests, krachtmeting en bewegingsonderzoek. Aanvullend kan echografie of MRI weefselveranderingen zichtbaar maken. Een goede anamnese over belastingspatroon en klachtenduur is minstens even waardevol als beeldvorming.
  • Soms kunnen NSAID (ontstekingsremmers) voorgeschreven/ geadviseerd worden om zo een goed beweegpatroon weer te kunnen realiseren, dit is ter ondersteuning. Dit wordt vaak tegelijk met fysiotherapie gedaan.  Soms kan een huisarts of orthopeed een injectie geven.

Adres

Openingstijden

Wij hebben dagelijks een lunchpauze van 12:30 – 13:00 uur.