Een schouderontsteking is geen enkelvoudige diagnose, maar een verzamelnaam voor ontstekingsprocessen in of rondom het schoudergewricht. De aangedane structuur bepaalt het klachtenbeeld en de behandelstrategie.
De schouder is een complex gewricht met veel bewegingsvrijheid. Die vrijheid maakt het gewricht ook kwetsbaar. Meerdere structuren kunnen tegelijk of afzonderlijk ontstoken raken.
- Slijmbeursontsteking (bursitis subacromialis): ontsteking van de slijmbeurs die de ruimte onder het schouderdak dempt. Veroorzaakt vaak een scherpe pijn bij armheffing, zeker tussen 60 en 120 graden.
- Peesontsteking (tendinopathie): irritatie of degeneratie van een of meerdere pezen van de rotatormanchet, met name de supraspinatuspees. Meer hierover op de pagina over peesontsteking in de schouder.
- Impingement: beknelling van zachte weefsels in de subacromiale ruimte, vaak samenhangend met een afwijkende schouderbladpositie of spierdisbalans.
- Kapselontsteking: ontsteking van het gewrichtskapsel, die kan leiden tot verdikking en verlittekening van het kapselweefsel.
- AC gewrichtsontsteking: ontsteking van het gewricht tussen het sleutelbeen en het schouderblad, herkenbaar aan lokale drukpijn aan de bovenzijde van de schouder.
Elk van deze aandoeningen vraagt om een andere aanpak. Dat maakt zelfdiagnose en zelfregie zonder professionele begeleiding risicovol.
Wanneer is afwachten geen verstandige keuze?
Afwachten is alleen verantwoord als klachten mild zijn, korter dan twee weken bestaan en er geen sprake is van krachtverlies, uitstralende pijn of toenemende bewegingsbeperking.
In alle andere gevallen is het raadzaam om eerder dan later een fysiotherapeut te raadplegen. De volgende signalen geven aan dat afwachten de klachten eerder verlengt dan oplost.
- Pijn die langer dan twee tot drie weken aanhoudt zonder duidelijke verbetering
- Nachtelijke pijn die de slaap verstoort, een veelvoorkomend kenmerk van een actieve slijmbeursontsteking of een rotator cuff probleem
- Krachtverlies in de arm bij dagelijkse handelingen zoals reiken, tillen of draaien
- Toenemende stijfheid die het bewegingsbereik in meerdere richtingen beperkt, een vroeg teken van een zich ontwikkelende frozen shoulder
- Pijn die uitstraalt naar de nek of arm, wat kan wijzen op een cervicale component of zenuwirritatie
- Terugkerende klachten die eerder al zijn opgetreden en vanzelf tijdelijk verbeterden maar steeds sneller terugkomen
- Compensatiegedrag waarbij de nek, de andere schouder of de rug de bewegingen overnemen
Bij deze signalen brengt een fysiotherapeut in kaart welke structuur betrokken is, in welke fase de ontsteking zich bevindt en welke belasting op dat moment veilig en zinvol is.
Wat doet een fysiotherapeut bij een schouderontsteking?
Een fysiotherapeut stelt bij de eerste afspraak vast wat de meest waarschijnlijke diagnose is en bepaalt op basis daarvan een behandelplan dat aansluit bij de fase van de klacht en het functioneel doel van de patiënt.
Het onderzoek bestaat doorgaans uit:
- Anamnese: uitvragen van het klachtenverloop, de uitlokkende momenten, de dagelijkse belasting en eerdere klachten
- Functioneel onderzoek: beoordeling van het actieve en passieve bewegingsbereik, spierkracht, gewrichtsstabiliteit en schouderbladpositie
- Specifieke provocatietests: gerichte tests om te onderscheiden of de slijmbeurs, de pees, het kapsel of het AC gewricht de meest waarschijnlijke bron van de klacht is
Op basis van dit onderzoek wordt bepaald welke behandelvorm passend is. Mogelijke componenten van de behandeling zijn:
- Manuele therapie: mobilisatietechnieken voor het schoudergewricht en de aangrenzende cervicale wervelkolom
- Oefentherapie: gericht op het herstel van spierkracht, schouderbladcontrole en bewegingscoördinatie (bijv. Shoulder Science)
- Belastingopbouw: gestructureerde toename van activiteit op basis van weefselrespons, niet op basis van pijn alleen
- Educatie: uitleg over de aard van de klacht, wat het weefsel aankan en hoe dagelijkse activiteiten tijdelijk kunnen worden aangepast
Bij complexere aandoeningen zoals een schouder impingement of een overbelaste schouder is de behandeling vaak een combinatie van meerdere technieken, afgestemd op het stadium van herstel.
Welke schouderontstekingen hebben de meeste baat bij fysiotherapie?
Fysiotherapie is effectief bewezen bij de meerderheid van niet operatief behandelde schouderontstekingen. Zeker wanneer de klachten worden veroorzaakt door een combinatie van overbelasting, spierdisbalans en een afwijkend bewegingspatroon.
Een overzicht van aandoeningen waarbij fysiotherapeutische begeleiding aantoonbaar bijdraagt aan herstel:
- Slijmbeursontsteking van de schouder: bij een juiste belastingopbouw en gerichte oefeningen herstelt de meerderheid van de patiënten zonder injectie of operatie
- Peesontsteking (tendinopathie van de rotatormanchet): excentrische en isometrische oefenprogramma’s zijn de meest effectieve conservatieve behandeling
- Schouder impingement: verbetering van de schouderbladpositie en krachtherstel van de rotatormanchet reduceren de beknelling structureel
- Beginfase frozen shoulder: fysiotherapie in de vroege fase kan verdere kapselverkleving remmen. In een later stadium richt de behandeling zich op het zo functioneel mogelijk herstellen van het bewegingsbereik
- Na een schouderoperatie: revalidatie na ingrepen aan de rotatormanchet, het AC gewricht of bij een schouderprothese vraagt om een stapsgewijs en begeleid hersteltraject
- Artrose van de schouder: ook bij degeneratieve aandoeningen is oefentherapie de eerste aanbevolen behandeling voor pijnvermindering en behoud van functie
Bij aandoeningen waarbij conservatieve behandeling onvoldoende resultaat geeft, zoals een volledige rotator cuff scheur of vergevorderde artrose, kan fysiotherapie de rol spelen van voorbereiding op een operatie of begeleiding daarna.
