Bij overbelasting raakt het peesweefsel beschadigd op microscopisch niveau: kleine scheurtjes in de collageenvezels stapelen zich op sneller dan het lichaam ze kan herstellen.
Een gezonde pees bestaat uit strak georganiseerde collageenvezels type I. Deze vezels geven de pees zijn trekkracht en veerkracht. Bij herhaalde belasting, denk aan dagelijkse bewegingen boven het hoofd, intensief sporten of fysiek werk, ontstaan er kleine beschadigingen in deze vezels. Dat is normaal. Het lichaam herstelt die schade tijdens rust.
Het probleem ontstaat wanneer de belasting groter is dan het herstelvermogen van de pees. De kleine beschadigingen worden niet volledig gerepareerd, het weefsel reageert met een ontstekingsreactie en na verloop van tijd verandert de structuur van de pees. Collageenvezels type I worden deels vervangen door type III, een zwakker en minder elastisch vezeltype. De pees raakt daardoor structureel minder belastbaar, ook als de pijn tijdelijk afneemt.
Dit is het verschil tussen tendinitis (acute ontsteking, vroeg stadium) en tendinopathie (structurele weefselverandering, chronisch stadium). Tendinopathie reageert trager op behandeling en vraagt een andere aanpak dan verse irritatie.
Welke factoren zorgen voor overbelasting?
Overbelasting van de pees ontstaat niet alleen door te veel doen, maar ook door een combinatie van interne (vanuit het lichaam) en externe factoren (vanuit de omgeving of activiteit) die de pees kwetsbaarder maken voor belasting.
Bij Basis fysiotherapie zien we in de praktijk dat een peesontsteking in de schouder zelden één enkelvoudige oorzaak heeft. Het gaat bijna altijd om een samenspel van factoren.
Interne factoren:
- Spieronevenwicht in de schouder: zwakke rotatormanchetspieren in combinatie met dominante grote spieren zoals de m.deltoideus of m.trapezius
- Verminderde scapulaire (= schouderblad) controle: als het schouderblad niet goed beweegt, verandert de positie van het gewricht en komt de pees onder hogere spanning te staan
- Beperkte thoracale mobiliteit: een stijve borstwervelkolom dwingt de schouder tot compensatiegedrag
- Leeftijd: peesweefsel verliest met het ouder worden geleidelijk elasticiteit en doorbloeding
- Eerder doorgemaakte schouderblessures die niet volledig zijn gerehabiliteerd
Externe factoren:
- Herhaalbewegingen, zoals bijvoorbeeld schilders, dakdekkers, kassamedewerkers of zwemmers
- Werkhoudingen waarbij de arm langdurig in een verheven positie wordt
- Plotselinge toename in trainingsvolume of intensiteit zonder voldoende opbouw
- Onvoldoende hersteltijd tussen intensieve belastende activiteiten
- Gebruik van zwaar gereedschap of het herhaaldelijk dragen van gewichten op schouderhoogte
De combinatie van meerdere factoren maakt iemand kwetsbaarder. Iemand met beperkte thoracale mobiliteit én een plotselinge toename in trainingsvolume heeft een veel hoger risico dan iemand waarbij slechts één factor aanwezig is.
Waarom is de m. supraspinatus zo vaak aangedaan?
De m. supraspinatus is de meest aangedane pees bij overbelastingsklachten in de schouder, omdat deze pees door een nauwe ruimte loopt tussen de bovenarm en het schouderdak (acromion).
Deze ruimte, de subacromiale ruimte, is bij gezonde schouders voldoende groot. Maar zodra de schouder niet optimaal beweegt, door spieronevenwicht, een veranderde stand van het schouderblad of een stijf kapsel, verkleint deze ruimte. Een combinatie van deze factoren is een meest voorkomende oorzaak achter peesontstekingen
Naast de m.supraspinatus kunnen ook de pees van de m. biceps (lange kop) en de subacromiale slijmbeurs betrokken raken. De slijmbeurs fungeert als kussentje tussen de pees en het acromion en raakt geïrriteerd als de druk langdurig te hoog is.
Hoe herken je een peesontsteking door overbelasting?
Een peesontsteking door overbelasting in de schouder uit zich typisch als een geleidelijk ontstane, belastingsafhankelijke pijn aan de boven- of buitenkant van de schouder.
De klachten zijn zelden acuut. Ze beginnen mild, wat ongemak na een lange werkdag of na een intensieve training, en nemen geleidelijk toe als de belasting aanhoudt. Herkenbare kenmerken zijn:
- Pijn bij het heffen van de arm zijwaarts, met name in de hoek van 60 tot 120 graden (pijnlijke boog)
- Pijn ’s nachts, vooral bij liggen op de aangedane schouder
- Verminderde kracht bij bovenhands bewegen of dragen
- Ochtendstijfheid die na beweging afneemt
- Pijn die toeneemt na activiteit en afneemt na rust, maar terugkeert zodra de belasting herstart
- Uitstraling naar de bovenarm, soms tot de elleboog
Een belangrijk signaal is het herstelpatroon: als klachten steeds terugkeren na een rustperiode zonder verbetering van de belastbaarheid, is er waarschijnlijk sprake van een chronisch proces. Op de pagina peesontsteking schouder lees je meer over het klinisch beeld en mogelijke behandelroutes.
Verschil tussen peesontsteking en peesscheur
Een peesontsteking (tendinopathie) houdt in dat het peesweefsel geïrriteerd of structureel veranderd is, maar nog intact. Bij een peesscheur is het weefsel daadwerkelijk (gedeeltelijk) gescheurd.
Dit onderscheid is klinisch relevant. Een gedeeltelijke scheur (partiële ruptuur) kan in klachtenpatroon veel lijken op een chronische peesontsteking: dezelfde pijn bij beweging, vergelijkbare krachtsvermindering. Toch vraagt een scheur soms een andere behandeling of een aanvullend onderzoek zoals echografie of MRI.
Bij Basis fysiotherapie beoordelen we tijdens de intake welke structuren betrokken zijn. Als er aanwijzingen zijn voor een scheur, zoals plotselinge krachtsdaling of een duidelijk trauma, verwijzen we gericht door voor verder onderzoek.
Het is ook van belang om een peesontsteking te onderscheiden van een slijmbeursontsteking in de schouder, aangezien beide aandoeningen gelijktijdig kunnen voorkomen maar een iets andere aanpak vragen.
