All FAQs (Helpie FAQ)

Sample of All FAQs (Helpie FAQ)

Helpie FAQ

  • Een loopanalyse is een uitgebreide analyse van jouw looppatroon met behulp van video-opnames en hoekmetingen. Hiermee wordt gekeken naar hoe je loopt en waar eventuele afwijkingen of overbelasting vandaan komen. Ook door het beeld vertraagd af te spelen kunnen we (laten) zien waar we naar kijken. Belangrijk voor ons is de beweging van de enkel, knie en heup.
  • Een verkeerd looppatroon kan leiden tot klachten zoals pijn in knieën, heupen of benen. Door je techniek te verbeteren, kun je overbelasting verminderen en klachten voorkomen. En door een goed looppatroon train je direct je spieren op de juiste manier.
  • Een loopanalyse is vooral zinvol bij terugkerende of langdurige klachten tijdens het lopen, zoals knie- of beenklachten waarbij de oorzaak niet direct duidelijk is. Wij hangen een gedeelte van onze behandeling op aan het looppatroon, hierbij kunnen we inzichtelijk maken  waarom een oefening nuttig kan zijn, zodat je dat tijdens het lopen direct kan toepassen.
  • Na de analyse wordt eerst gewerkt aan het verbeteren van je looppatroon. Pas daarna wordt gestart met het opbouwen van kracht en het trainen van spieren. Sommige oefeningen zijn voorwaarde scheppend voor een juist looppatroon.
  • Het GLA:D programma bestaat uit voorlichting en een oefenprogramma gegeven door een fysiotherapeut. Tijdens de voorlichtingssessies leert de patiënt o.a. meer over artrose, de behandelmogelijkheden, het belang van bewegen en hoe om te gaan met pijn en klachten. Het oefenprogramma richt zich op het versterken van de spieren rondom de heup of knie en het verbeteren van de beweeglijkheid van de gewrichten. Het oefenprogramma zal in samenspraak met de fysiotherapeut worden opgesteld, afgestemd op de belastbaarheid en de behoeften van de patiënt.
  • In veel gevallen wordt GLA:D therapie (gedeeltelijk) vergoed. De vergoeding hangt af van uw zorgverzekering en eventuele aanvullende verzekering. Wilt u weten hoe dit voor u zit? Bekijk onze pagina Verzekering | Basis Fysiotherapie of neem contact op. We helpen u graag om uw vergoeding te controleren.
  • GLA:D® is een wetenschappelijk bewezen effectieve behandelmethode voor mensen met artrose in de heup of knie. Het programma heeft als doel om de kwaliteit van leven te verbeteren en een operatie voor een heup- of knieprothese uit te stellen of zelfs te voorkomen.
  • Bij artrose gerelateerde klachten in de heup of knie kan het GLA:D programma een hele goede behandelmethode zijn.
  • Doordat BFR Training werkt met lage gewichten en gecontroleerde bloedstroombeperkingen, kunnen spieren effectief worden getraind zonder de gewrichten en andere structuren te zwaar te belasten. Dit maakt het bijzonder geschikt voor patiënten die normaal gesproken pijn ervaren bij traditionele krachttraining of bij patiënten met een verminderde belastbaarheid. Zo kan BFR worden ingezet bij knie-artrose, patellofemorale klachten, een knieprothese, of na ingrepen zoals een kruisbandreconstructie of meniscusoperatie. Bij Basis Fysiotherapie doen we eerst een check om te kijken of je BFR training mag doen.
  • Voordat we BFR Training inzetten, zal de behandelend fysiotherapeut zorgvuldig beoordelen of deze techniek een toegevoegde waarde heeft voor het herstel of training. We kijken naar specifieke klachten, de gezondheid van de patiënt, belastbaarheid en doelen om te bepalen of BFR Training veilig en effectief kan worden toegepast.
  • Blood Flow Restriction (BFR) training is een trainingsmethode, waarbij een band om een arm of been wordt geplaatst om de bloedstroom naar de spieren tijdelijk te beperken. Dit creëert een situatie, waarbij het bloed wel naar de spieren stroomt, maar moeilijker terug kan stromen naar het hart. Het resultaat is dat de spieren sneller vermoeid raken en harder moeten werken. Dit stimuleert spiergroei en kracht zonder dat zware gewichten nodig zijn, wat gunstig kan zijn bij verschillende (knie) klachten.
  • Deze behandelmethode kan onder andere worden ingezet na een (knie) operatie en bij een verminderde belastbaarheid. Omdat de spieren eerder vermoeid raken, is er minder druk op de knie nodig om spieropbouw voor elkaar te krijgen, wat dus handig is bij een lager belastbaar gewicht.
  • Heupklachten uiten zich vaak als pijn in de lies, bil of zijkant van de heup. Ook stijfheid, moeite met lopen of pijn bij traplopen en opstaan uit een stoel komen regelmatig voor.
  • Rustig wandelen kan juist bijdragen aan het behoud van de beweeglijkheid. Het is wel belangrijk om binnen de pijngrens te blijven en activiteiten die de klachten verergeren tijdelijk te beperken.
  • Pijn in de heup en lage rug kan op elkaar lijken. Soms straalt rugpijn uit naar de heup of het bovenbeen. Een fysiotherapeut onderzoekt waar de klachten daadwerkelijk vandaan komen.
  • Ja. Fysiotherapie kan helpen om de spieren rondom de heup te versterken, de beweeglijkheid te verbeteren en dagelijkse activiteiten gemakkelijker uit te voeren. Veel mensen ervaren hierdoor minder pijn en meer vertrouwen in bewegen.
  • Neem contact op met een fysiotherapeut als de pijn langer aanhoudt, steeds terugkomt of je belemmert bij dagelijkse activiteiten zoals lopen, traplopen of sporten. Een vroege behandeling kan vaak voorkomen dat klachten verergeren.
  • Veel mensen ervaren 's nachts meer schouderpijn doordat bepaalde houdingen extra druk geven op het schoudergewricht of geïrriteerde pezen. Tevens ben je overdag in beweging en heb je vaak tijdens het bewegen zelf minder last. 's Nachts is de uitwerking van de belasting die je overdag hebt gegeven. Een fysiotherapeut kan onderzoeken waar de klachten vandaan komen en advies geven over houding en behandeling.
  • Sommige lichte schouderklachten verdwijnen vanzelf met voldoende rust en aangepaste belasting. Blijven de klachten bestaan of beperken ze je in het dagelijks leven, dan is onderzoek door een fysiotherapeut verstandig.
  • Dat hangt af van de oorzaak van de klachten. Gerichte oefeningen kunnen helpen om de beweeglijkheid, spierkracht en stabiliteit van de schouder te verbeteren. Een persoonlijk oefenprogramma geeft meestal het beste resultaat.
  • Een overbelaste schouder veroorzaakt vaak pijn tijdens of na bewegen, stijfheid en soms krachtverlies. De klachten ontstaan meestal geleidelijk door herhaalde belasting tijdens werk, sport of dagelijkse activiteiten.
  • De fysiotherapeut onderzoekt eerst de oorzaak van de klachten. Vervolgens wordt een behandelplan opgesteld dat kan bestaan uit oefeningen, mobilisatietechnieken, houdingsadvies en begeleiding bij het geleidelijk hervatten van dagelijkse activiteiten.
  • Dat hangt af van de oorzaak van de pijn. In veel gevallen is volledig stoppen niet nodig, maar is het verstandig om de belasting tijdelijk aan te passen. Een fysiotherapeut kan adviseren welke bewegingen verantwoord zijn en welke je beter tijdelijk kunt vermijden.
  • De hersteltijd verschilt per persoon en is afhankelijk van de oorzaak. Lichte overbelasting kan binnen enkele weken herstellen, terwijl herstel bij een blessure of artrose langer kan duren. Met een gericht behandelplan kun je het herstel vaak ondersteunen.
  • Kniepijn ontstaat niet altijd door een ongeluk of sportblessure. Overbelasting, een afwijkend bewegingspatroon, spierzwakte of slijtage kunnen ook leiden tot klachten.  
  • Zeker. Een loopanalyse geeft inzicht in hoe je beweegt tijdens dagelijkse activiteiten zoals wandelen. Je hoeft geen sporter te zijn om baat te hebben bij deze analyse. Juist bij mensen die veel staan of lopen in hun werk, zoals verpleegkundigen of bouwvakkers, zijn afwijkende bewegingspatronen een veelvoorkomende oorzaak van aanhoudende klachten.
  • Ja, dat kan. Uitstralende pijn is een bekend fenomeen bij gewrichts- en spierklachten. De heup kan een afwijkend bewegingspatroon hebben zonder dat je de heup zelf als pijnlijk ervaart. De knie draagt dan de overbelasting en dat voel je als pijn in de knie. Pas bij gericht onderzoek blijkt dan waar de oorzaak zit.
  • Dat verschilt per persoon en per klacht. Veel mensen merken al snel verbetering als de behandeling gericht is op de echte oorzaak. Een concreet tijdspad hangt af van hoe lang de klachten bestaan, de ernst van het probleem en hoe je lichaam reageert op de behandeling. Een eerlijk gesprek hierover voeren we altijd aan het begin van het traject.
  • Je kunt een eerste inschatting maken aan de hand van de pijnlocatie, het moment van pijn en het gedrag bij beweging. Maar een definitieve uitspraak vereist een lichamelijk onderzoek door een fysiotherapeut. Spier- en gewrichtsklachten overlappen regelmatig en voelen soms bijna hetzelfde. Laat je niet leiden door een aanname, maar laat het onderzoeken.
  • Spierpijn voelt doorgaans als een zware, trekkende of zeurende pijn die je kunt uitlokken door de spier te belasten of te stretchen. Zenuwpijn heeft een elektrisch, brandend of tintelend karakter en straalt vaak uit langs een vast traject in het been. Zenuwpijn reageert anders op beweging en vraagt om een andere behandelstrategie.
  • Ja. Een loopanalyse geeft inzicht in hoe de heup functioneert bij een alledaagse beweging als lopen. Afwijkende patronen zijn zichtbaar bij gewone pas snelheid,passnelheid, ook als je geen sporter bent. Juist bij mensen met dagelijkse klachten bij wandelen of staan is de analyse waardevol om de oorzaak te achterhalen.
  • Langdurig zitten is geen directe oorzaak van heupartrose,heuparthrose, maar het draagt bij aan factoren die de kans op gewrichtsklachten vergroten. Minder beweging vermindert de verspreiding van gewrichtsvloeistof, een veranderde bekkenkanteling verdeelt de belasting ongunstig en spierzwakte vermindert de schokdemping bij bewegen. Dit alles kan op termijn bijdragen aan een verhoogde slijtage van het gewricht.
  • Een richtlijn die in de fysiotherapie vaak wordt gehanteerd is elke veertig tot vijftig minuten kort opstaan en bewegen. Dat hoeft niet lang te duren. Twee tot drie minuten rechtop staan of lopen is al genoeg om de bloedsomloop en de gewrichtsfunctie te activeren. Gebruik een timer of melding op je telefoon als hulpmiddel.
  • Stijfheid zonder pijn is een vroeg signaal dat het lichaam geeft. Het gewricht en de omliggende spieren reageren op de langdurige belasting in dezelfde houding. Als je nu actie onderneemt door meer te bewegen, de heupbuiger te stretchen en de bilspieren te versterken, voorkom je dat de stijfheid uitgroeit tot een klacht die behandeling vraagt.
  • Dat hangt af van de aard van de klacht. Bij lichte stijfheid na langdurig zitten is bewegen juist gunstig. Bij een ontsteking of een impingement kan doorgaan met sporten de klacht verergeren. Twijfel je, laat de heup dan eerst beoordelen voordat je verder gaat met trainen.
  • Pijn na het sporten is een signaal van overbelasting. Het gewricht of de omliggende structuren hebben meer belasting gekregen dan ze aankunnen. Dat hoeft niet direct ernstig te zijn, maar het is wel een reden om je trainingsbelasting tijdelijk te verlagen en het patroon in de gaten te houden. Als de klacht aanhoudt of toeneemt, is onderzoek door een fysiotherapeut de volgende stap.
  • Bij een gerichte intake en lichamelijk onderzoek kan een fysiotherapeut in de eerste afspraak al een goed beeld geven van de waarschijnlijke oorzaak. Een loopanalyse geeft daarna extra inzicht in het bewegingspatroon. Samen vormt dat de basis voor een behandelplan dat aansluit bij wat er echt speelt.
  • Volledig vermijden is zelden de beste keuze. Bewegen is juist nodig voor herstel, maar de manier en hoeveelheid moeten aansluiten bij wat de heup aankan. Een fysiotherapeut kan beoordelen welke belasting op dit moment verantwoord is en hoe je de trap kunt blijven gebruiken zonder de klacht te verergeren.
  • Bij het uitstappen gaat de heup van een gebogen naar een gestrekte positie terwijl je tegelijkertijd gewicht op het been zet. Die combinatie benoemt de pijnlijke structuur heel specifiek. Pijn op dat moment wijst vaak op een probleem met de heupbuiger, het labrum of het gewrichtskraakbeen. Gerichte diagnostiek maakt duidelijk wat er precies speelt.
  • Dat verschilt per persoon en per diagnose. De duur van de klacht, de ernst van de aangedane structuur en de snelheid waarmee het bewegingspatroon verbetert, spelen allemaal een rol. Een persoonlijk behandelplan geeft een realistisch beeld van wat u kunt verwachten in uw situatie.
  • Dat hangt af van de ernst van de overbelasting en welke structuur betrokken is. Een lichte peesirritatie reageert binnen vier tot zes weken goed op behandeling en belastingsaanpassing. Een ernstiger rotatorcuffprobleem of bursitis kan acht tot twaalf weken vragen. Consequent oefenen en de belastingsopbouw volgen zijn de bepalende factoren voor de snelheid van herstel.
  • Dat wijst bijna altijd op een onderliggende zwakte of een bewegingspatroon dat nooit is gecorrigeerd. De pijn verdween, maar de oorzaak niet. Een volledige revalidatie richt zich niet alleen op de pijnklacht, maar ook op kracht, stabiliteit en techniek. Zonder die aanpak is heroverbelasting een kwestie van tijd.
  • Dat is zelden nodig. In de meeste gevallen kun je aangepast blijven sporten, binnen de belastbaarheid van de aangedane structuur. Wat je vermijdt, zijn de bewegingen die pijn uitlokken of verergeren. Een fysiotherapeut helpt je bepalen wat wel en niet kan. Volledig rust nemen vertraagt het herstel en leidt tot spierverlies, wat de kans op terugval juist vergroot.
  • In de meeste gevallen niet. Een verstoord bewegingspatroon van het schouderblad is een functioneel probleem dat goed reageert op fysiotherapie. Wel kan het, als het onbehandeld blijft, leiden tot secundaire klachten zoals impingement, bursitis of rotatorcuffproblemen. Vroeg ingrijpen voorkomt dat een relatief eenvoudig probleem uitgroeit tot een complexere blessure.
  • Dat varieert per persoon en per ernst van de klacht. Bij een puur functioneel probleem zonder bijkomende blessures zie je na vier tot acht weken duidelijke verbetering. Zijn er ook peesontstekingen of bursitis bij betrokken, dan duurt het herstel langer. Consequent oefenen thuis versnelt het herstelproces aanzienlijk.
  • Ja, bewustwording is al een eerste stap. Let op je houding tijdens het zitten en werken. Zorg dat je schouders ontspannen naar beneden hangen en niet opgetrokken zijn. Eenvoudige oefeningen zoals schouderbladretractie en wall slides helpen om de stabilisatoren te activeren. Een fysiotherapeut laat je zien hoe je die oefeningen correct uitvoert, zodat je niet onbewust verkeerde patronen aanleert.
  • De duur varieert sterk. Een acute slijmbeursontsteking kan binnen twee tot zes weken herstellen bij juiste belasting. Chronische of terugkerende ontstekingen duren langer, soms meerdere maanden, afhankelijk van oorzaak en behandeling.
  • Sporten dat de schouder niet direct belast, zoals fietsen of wandelen, is vaak mogelijk. Sporten waarbij de aangedane schouder actief wordt belast (zwemmen, tennis, fitness) worden tijdelijk aangepast of vermeden totdat de acute fase voorbij is.
  • Bij klachten die langer dan twee weken aanhouden, gepaard gaan met krachtverlies of bewegingsbeperking, of niet reageren op aanpassing van activiteiten, is begeleiding door een fysiotherapeut aan te raden voor een gerichte diagnose en behandelplan.
  • Bij acute overbelasting (korter dan zes weken) gemiddeld vier tot acht weken. Bij chronische overbelasting of tendinopathie duurt volledig herstel drie tot zes maanden, mits er een gestructureerde belastingsopbouw wordt gevolgd. Belasting in het dagelijks leven speelt hierbij een belangrijke rol.
  • Nee, volledige rust verlaagt de belastbaarheid van peesweefsel. Gedoseerde, oplopende belasting is effectiever dan immobilisatie. De intensiteit en het type activiteit moeten worden aangepast, niet volledig gestopt.
  • Lichte, kortdurende overbelasting soms wel. Bij klachten die langer dan twee weken aanhouden, toenemen bij activiteit of gepaard gaan met krachtverlies, is begeleiding bij belastingsopbouw en bewegingsherstel doorgaans noodzakelijk voor duurzaam herstel.
  • Soms kunnen NSAID (ontstekingsremmers) voorgeschreven/ geadviseerd worden om zo een goed beweegpatroon weer te kunnen realiseren, dit is ter ondersteuning. Dit wordt vaak tegelijk met fysiotherapie gedaan.  Soms kan een huisarts of orthopeed een injectie geven.
  • Soms verminderen klachten tijdelijk bij rust, maar zonder aanpak van de onderliggende oorzaken zoals spieronevenwicht of bewegingspatronen keert de tendinopathie doorgaans terug bij hervatting van belasting. Spontaan volledig herstel is zeldzaam bij chronische gevallen.
  • Via klinisch onderzoek met provocatietests, krachtmeting en bewegingsonderzoek. Aanvullend kan echografie of MRI weefselveranderingen zichtbaar maken. Een goede anamnese over belastingspatroon en klachtenduur is minstens even waardevol als beeldvorming.
  • De duur van de revalidatie na schouderoperatie varieert. Gemiddeld duurt het drie tot zes maanden. Een volledig herstel duurt soms een jaar. Dit hangt af van de soort operatie en je persoonlijke conditie.
  • Forceer geen bewegingen die pijn doen. Vermijd het tillen van zware voorwerpen. Slaap niet op de aangedane schouder. Negeer de pijn niet en blijf niet te lang doorlopen met klachten. Dit kan het herstelproces vertragen en de klachten verergeren.
  • Het belangrijkste is om de schouder rust te geven, maar niet volledig stil te houden. Probeer pijnlijke bewegingen te vermijden. Koelen met ijs kan de pijn verlichten. Een fysiotherapeut van Basis Fysiotherapie kan je specifieke oefeningen en advies geven voor een spoedig herstel.
  • Een frozen shoulder is een aandoening van het schoudergewricht. Het gewrichtskapsel raakt ontstoken en verdikt. Dit veroorzaakt ernstige pijn en stijfheid. De schouder lijkt als het ware ‘bevroren’. Het medische woord is adhesieve capsulitis.
  • De herstelduur verschilt per persoon. Lichte klachten gaan binnen enkele weken over. Ernstige overbelasting kan maanden duren. Een snelle aanpak is cruciaal.
  • Het herstel van overbelasting van spieren duurt meestal enkele weken. Dit hangt af van de ernst. Volg altijd professioneel advies op.
  • Bij overbelasting is relatieve rust belangrijk. Vermijd pijnlijke activiteiten, maar blijf wel bewegen. Volledige rust is vaak niet goed.
  • Pak de oorzaak van de overbelaste schouder aan. Pas je activiteiten aan en vermijd pijn. Start met veilige oefeningen onder begeleiding.
  • De totale revalidatie duurt gemiddeld zes maanden tot een jaar. Na zes tot twaalf weken kunt u de meeste dagelijkse activiteiten weer zelfstandig doen.
  • Geef de heup direct rust. Stop met de activiteiten die de pijn veroorzaken en probeer de heup te koelen met ijs als er zwelling is.
  • Vermijd activiteiten die druk op de heup veroorzaken. Ga niet door de pijn heen sporten of werken. Vermijd langdurig op de pijnlijke zijde liggen. Oefeningen doen zonder de juiste diagnose en begeleiding is ook af te raden.
  • De meest voorkomende symptomen zijn scherpe of zeurende pijn aan de buitenzijde van de heup. De pijn kan uitstralen naar het bovenbeen. Vaak is er meer pijn bij traplopen, opstaan uit een stoel en ’s nachts in bed liggen.
  • Neem eerst rust en vermijd pijnlijke bewegingen. Koelen kan de pijn verlichten. Probeer zachtjes te blijven bewegen binnen de pijngrens om stijfheid te voorkomen. Oefeningen onder begeleiding van een fysiotherapeut zijn de beste volgende stap.
  • Probeer rustig te blijven bewegen. Vermijd activiteiten die de pijn verergeren. Koelen kan helpen bij een acute ontsteking. Neem contact op met een fysiotherapeut voor diagnose en advies.
  • Dit hangt af van de ernst van de scheur. Meestal raden we contactsporten en sporten met draaibewegingen af. Lichte activiteiten zoals zwemmen of fietsen kunnen vaak wel. Overleg altijd eerst met je fysiotherapeut van Basis Fysiotherapie. Hij of zij geeft je een persoonlijk en passend advies.
  • De hersteltijd varieert sterk. Een klein letsel kan binnen enkele weken verbeteren. Een grotere scheur in meniscus of herstel na een operatie duurt langer. Reken dan op enkele maanden. Geduld en het trouw doen van je oefeningen zijn essentieel voor een goed en vlot herstel.
  • Pijn na de operatie is normaal en neemt geleidelijk af. De eerste weken is de pijn het hevigst. Na ongeveer drie maanden ervaren de meeste mensen aanzienlijk minder pijn.
  • Het actieve revalideren na een nieuwe knie duurt meestal drie tot zes maanden. Ook daarna is het belangrijk om te blijven oefenen. Zo behoud je de kracht en flexibiliteit van je nieuwe knie.
  • De benodigde rust is afhankelijk van de ernst van de blessure. Vaak is een initiële rustperiode van enkele dagen tot weken noodzakelijk. Volledige rust is echter niet altijd de beste oplossing. Actief herstel, met aangepaste oefeningen en activiteiten, geeft vaak betere resultaten op de lange termijn. Een fysiotherapeut kan je hierover het beste adviseren voor jouw specifieke situatie.
  • Een lopersknie of ook wel runners knee genoemd, is een typische overbelastingsblessure. Hierbij raakt de peesplaat aan de buitenzijde van het bovenbeen, de tractus iliotibialis, geïrriteerd. Deze irritatie ontstaat door wrijving bij de knie. Dit veroorzaakt een scherpe pijn aan de buitenkant van de knie. Het komt vaak voor bij hardlopers, wandelaars en fietsers.
  • Een Jumpers knee, of springersknie, is een overbelastingsblessure van de pees onder de knieschijf. Deze peesontsteking in de knie veroorzaakt pijn, vooral bij sporten waarbij veel gesprongen wordt.
  • De keuze voor een operatie is persoonlijk. Het hangt af van je leeftijd, activiteitenniveau en de mate van instabiliteit. Sporters die veel draaiende bewegingen maken, kiezen vaker voor een operatie. Bespreek de voor- en nadelen altijd goed met je arts en fysiotherapeut.
  • Als je knieklachten langer dan een paar dagen aanhouden, regelmatig terugkomen of je beperken tijdens lopen, sporten of traplopen, is het verstandig om een fysiotherapeut te bezoeken. Met een uitgebreid onderzoek achterhalen we de oorzaak van de klachten en stellen we een passend behandelplan op.
  • Een combinatie van meniscus- en kruisband letsel vraagt om gerichte training, rust en soms chirurgie. Onze therapeuten begeleiden je in elke fase van het herstel.
  • Je hoort vaak een knap, gevolgd door scherpe pijn en zwelling. De knie voelt instabiel en kan doorzakken bij beweging.
  • Een fysiotherapeut of arts onderzoekt de stabiliteit van je knie. Met een MRI-scan kan de scheur worden bevestigd.
  • Het herstel van een gescheurde kruisband duurt gemiddeld 9 tot 12 maanden.
  • Ja, bij een gedeeltelijke scheur kan fysiotherapie voldoende zijn. Je traint kracht, stabiliteit en coördinatie om de knie weer sterk te maken.
  • Een arts adviseert een schouderprothese bij ernstige slijtage (artrose) of na een complexe breuk wanneer andere behandelingen, zoals fysiotherapie of medicatie, onvoldoende effect hebben.
  • Een omgekeerde schouderprothese wordt toegepast wanneer de rotator cuff-pezen niet meer goed functioneren. Door de omkering kan de schouder andere spieren gebruiken om de arm te bewegen.
  • Een moderne schouderprothese gaat gemiddeld 15 tot 20 jaar mee. De levensduur hangt af van je leeftijd, activiteitsniveau en het type prothese. Regelmatige controle en een gezonde leefstijl helpen de prothese langer goed te houden.
  • Het herstel duurt gemiddeld enkele weken tot maanden, afhankelijk van de ernst en je inzet bij de behandeling. Met fysiotherapie verloopt het herstel meestal sneller.
  • Lichte klachten kunnen verbeteren met rust, maar vaak keert de pijn terug als de oorzaak niet wordt aangepakt. Met professionele fysiotherapie herstel je volledig en voorkom je herhaling.
  • Een slijmbeurs ontsteking (bursitis) is een irritatie of ontsteking van de slijmbeurs, een met vocht gevulde kussentje dat wrijving tussen spieren en botten vermindert.
  • Een slijmbeurs ontsteking duurt meestal enkele weken tot een paar maanden, afhankelijk van de ernst en hoe snel je de schouder ontziet. Met de juiste fysiotherapie en rust kan het herstel vaak sneller verlopen en voorkom je dat de klachten terugkomen.
  • Een peesontsteking (tendinitis) is een irritatie of ontsteking van een pees, vaak veroorzaakt door overbelasting. De moderne term hiervoor is tendinopathie.
  • Tendinopathie is de overkoepelende term voor peesklachten. Bij tendinitis is sprake van een acute ontsteking, terwijl tendinose wijst op een verminderde peeskwaliteit zonder ontsteking.
  • Aan zeurende pijn bij het heffen van de arm, vooral bij zijwaartse of bovenhandse bewegingen. Vaak voel je ook pijn in rust of tijdens het slapen.
  • Artrose schouder, ook wel omartrose, is een aandoening waarbij het kraakbeen in het schoudergewricht verslechtert. Dit veroorzaakt pijn, stijfheid en een beperkte bewegingsvrijheid.
  • De pijn voelt vaak diep en zeurend aan, en verergert bij beweging. Ook startpijn na rust en een krakend geluid zijn kenmerkend.
  • Blijf actief, maar voorkom overbelasting. Oefeningen bij artrose schouder onder begeleiding van een fysiotherapeut helpen om de pijn te verminderen en de schouder sterker en soepeler te maken.
  • Een totale heupprothese (THP) is een kunstgewricht dat de heupkop en heupkom vervangt. De operatie wordt uitgevoerd bij ernstige slijtage of schade aan het gewricht.
  • Een arts adviseert een nieuwe heup bij ernstige artrose of bewegingsbeperkingen wanneer andere behandelingen, zoals fysiotherapie of medicatie, onvoldoende effect hebben.
  • Ja, dat mag vaak wel. Slaap bij voorkeur op de niet-geopereerde zij en leg een kussen tussen je knieën om te voorkomen dat de benen kruisen.
  • Meestal wordt aangeraden om de eerste 6 tot 8 weken een kussen tussen de benen te gebruiken, zowel bij rug- als zijligging.
  • De eerste 6 tot 8 weken mag je de heup niet verder dan 90 graden buigen. Bukken vanuit de heupen wordt afgeraden. Je fysiotherapeut leert je veilige manieren om iets op te pakken.
  • Een heupprothese bestaat uit een steel met kop en kom. De steel gaat in het bovenbeen, de kop vervangt de originele heupkop en de kom wordt in het bekken geplaatst. De onderdelen zijn gemaakt van metaal, kunststof of keramiek.
  • Typische klachten zijn startpijn, stijfheid bij het opstaan en pijn in de lies of bil, soms met uitstraling naar het been.
  • De pijn voelt vaak zeurend en diep aan, meestal in de lies of zijkant van de heup. Bewegingen zoals bukken, traplopen of lang lopen kunnen pijnlijk zijn.
  • Blijf bewegen, maar voorkom overbelasting. Fysiotherapie met gerichte oefeningen helpt om de spieren te versterken en de pijn te verminderen.
  • Nee, versleten kraakbeen kan niet herstellen. De behandeling richt zich op klachtenvermindering, spierversterking en beter bewegen voor een hogere levenskwaliteit.
  • Artrose heup (of coxartrose) is een aandoening waarbij het kraakbeen in het heupgewricht slijt. Dit veroorzaakt pijn, stijfheid en beperkte beweging.
  • Het patellofemoraal pijnsyndroom is een knieaandoening waarbij pijn ontstaat rondom of achter de knieschijf. De oorzaak ligt vaak in overbelasting of een verkeerde sporing van de knieschijf in het bovenbeen.
  • Ja, meestal wel — maar op aangepast niveau. Vermijd pijnlijke bewegingen en bouw de belasting geleidelijk op. Een fysiotherapeut van Basis Fysiotherapie helpt je bij een veilige trainingsopbouw.
  • De herstelduur verschilt per persoon en hangt af van de ernst van de klachten. Met gerichte fysiotherapie en consequente oefeningen ervaren de meeste mensen binnen 6 tot 12 weken duidelijke verbetering.
  • Een overbelasting van de knie ontstaat wanneer je het gewricht meer belast dan het aankan of niet op de juiste manier bewegen. Hierdoor raken spieren, pezen of banden geïrriteerd, wat leidt tot pijn en soms zwelling.
  • Je herkent een overbelaste knie aan pijn rond de knieschijf, stijfheid na rust en een warm of gezwollen gevoel. De pijn verergert bij bewegen of belasting, zoals traplopen of sporten.
  • Het herstel verschilt per persoon. Met rust en fysiotherapie kan het herstel enkele weken duren. Bij chronische overbelasting kan dit oplopen tot meerdere maanden.
  • Neem rust, koel bij zwelling en vermijd belastende bewegingen. Blijf licht bewegen om stijfheid te voorkomen. Voor gericht herstel zijn fysiotherapeutische oefeningen essentieel.
  • Ja. Bouw trainingen geleidelijk op, doe een goede warming-up en versterk je beenspieren. Zo verbeter je de stabiliteit van het kniegewricht en verklein je het risico op overbelasting. Zorg voor een zo optimaal mogelijk beweegpatroon.
  • Een moderne knieprothese gaat gemiddeld 15 tot 20 jaar mee. De levensduur hangt af van je leeftijd, gewicht en activiteitenniveau. Regelmatige controle helpt om slijtage tijdig te signaleren.
  • De meeste mensen gebruiken krukken gedurende vier tot zes weken. De fysiotherapeut bepaalt wanneer je veilig zonder kunt lopen, afhankelijk van kracht en stabiliteit. Wij vinden een ‘goed’ looppatroon ,waarbij de knie niet ontzien wordt erg belangrijk.
  • Na de operatie is wondpijn normaal en neemt deze geleidelijk af. Ook spierpijn door de soms nieuwe stand van het been en door de oefeningen komt vaak voor. Aanhoudende of scherpe pijn moet altijd met de arts worden besproken.
  • De revalidatie na een halve knieprothese verloopt meestal iets sneller dan bij een totale. Gemiddeld duurt het drie tot zes maanden, afhankelijk van belastbaarheid en conditie.
  • Artrose veroorzaakt een zeurende pijn diep in de knie. De knie voelt stijf aan, vooral na rust, en kan pijnlijk zijn bij belasting zoals traplopen of bukken.
  • Blijf bewegen. Kies activiteiten die de knie ontlasten, zoals fietsen, zwemmen of wandelen. Met fysiotherapie versterk je de spieren en verbetert de stabiliteit van het gewricht.
  • Beperk overbelasting, houd je gewicht gezond en beweeg regelmatig. Sterke beenspieren en een actieve leefstijl zijn de beste manier om knieartrose te voorkomen.
  • Typische klachten zijn startpijn, stijfheid na rust en een zeurende pijn bij bewegen. Een fysiotherapeut of arts kan de diagnose bevestigen na lichamelijk onderzoek.
  • Your relevent FAQ answer.
  • Simple FAQ Content
  • Simple FAQ Content - 2

Adres

Openingstijden

Wij hebben dagelijks een lunchpauze van 12:30 – 13:00 uur.