Schouder impingement: hoe ontstaat inklemming tijdens bewegen?

Impingement betekent letterlijk inklemming. Bij schouder impingement worden de pezen van de rotator cuff en de slijmbeurs samengeknepen in de ruimte onder het schouderdak. Dat schouderdak heet het acromion, een botuitsteeksel van het schouderblad. Normaal is er voldoende ruimte voor pezen en slijmbeurs om te bewegen. Bij impingement is die ruimte te krap geworden.

Dat knellen gebeurt vooral bij het heffen van de arm. Tussen 60 en 120 graden, de zogenoemde pijnlijke boog, is de ruimte het smalst. Precies op dat moment worden pezen en slijmbeurs samengedrukt. Herhaaldelijk of langdurig knellen leidt tot irritatie, ontsteking en uiteindelijk pijn.

Hoe ontstaat de inklemming

Impingement ontstaat zelden door één oorzaak. Meestal is het een combinatie van factoren die samen voor te weinig ruimte zorgen. We onderscheiden twee hoofdvormen: structurele impingement en functionele impingement.

Bij structurele impingement is de ruimte anatomisch te klein. Dat kan komen door de vorm van het acromion. Een haakvormig acromion, ook wel type III acromion genoemd, laat minder ruimte voor de onderliggende structuren. Ook botsporen of artrose in het acromioclaviculaire gewricht, het gewrichtje tussen sleutelbeen en schouderblad, kunnen de ruimte verkleinen.

Bij functionele impingement is de ruimte op papier wel aanwezig, maar werkt de schouder niet goed genoeg om die ruimte te benutten. Slechte stabilisatie van het schouderblad, zwakke rotator cuff spieren of een verstoord bewegingspatroon zorgen ervoor dat de bovenarm te hoog beweegt in het gewricht. Daardoor klemmen pezen en slijmbeurs in.

Welke structuren raken betrokken

Bij impingement zijn meerdere structuren tegelijk in het geding. De slijmbeurs, ook wel bursa subacromialis genoemd, is een met vloeistof gevuld zakje dat wrijving tussen pezen en bot vermindert. Door herhaaldelijke inklemming raakt die slijmbeurs ontstoken. Dit noemen we bursitis subacromialis.

Tegelijkertijd raken de pezen van de rotator cuff overbelast. De supraspinatuspees, die bovenop de bovenarm loopt, wordt het vaakst geraakt. Bij langdurige belasting kunnen kleine scheurtjes in die pees ontstaan, een zogenoemde partiële ruptuur. In ernstige gevallen scheurt de pees volledig.

De bicepspees kan ook meedoen. Die loopt deels door de schouder en kan bij aanhoudend impingement ook geïrriteerd raken. Dit verklaart waarom sommige mensen pijn voelen aan de voorkant van de schouder, terwijl het probleem eigenlijk aan de bovenkant zit.

Wie loopt risico op schouder impingement

Impingement treft mensen in allerlei leeftijden en situaties. Toch zijn er duidelijke risicogroepen. Mensen met een beroep of sport waarbij de arm vaak boven schouderhoogte komt, lopen meer risico. Denk aan schilders, stukadoors, zwemmers, tennissers en volleyballers.

Ook een zittende houding speelt een rol. Veel mensen werken uren achter een bureau met voorovergebogen schouders en een naar voren gekanteld hoofd. Dit verandert de stand van het schouderblad en vermindert de subacromiale ruimte. Op den duur leidt dit tot functionele impingement, ook zonder intensief sporten.

Leeftijd is ook een factor. Naarmate je ouder wordt, worden pezen minder elastisch en kunnen botveranderingen optreden. Na het vijftigste levensjaar zien we bij Basis Fysiotherapie vaker patiënten waarbij een combinatie van anatomische en functionele factoren de klachten veroorzaakt.

Hoe herkent een fysiotherapeut schouder impingement

Een goede diagnose begint met een uitgebreid gesprek over jouw klachten, werkzaamheden en beweegpatroon. Daarna volgt een lichamelijk onderzoek. De fysiotherapeut kijkt naar de houding van jouw schouder en schouderblad en test de bewegingsvrijheid van jouw arm.

Specifieke provocatietests helpen bij het opsporen van impingement. De Hawkins Kennedy test en de Neer test zijn bekende voorbeelden. Bij deze tests plaatst de fysiotherapeut jouw arm in een positie waarbij de subacromiale ruimte maximaal wordt samengedrukt. Als die beweging de vertrouwde pijn oproept, wijst dat sterk op impingement.

Beeldvormend onderzoek zoals een echografie of MRI geeft aanvullende informatie. Een echografie toont de conditie van de slijmbeurs en pezen in real time. Een MRI geeft een gedetailleerder beeld van eventuele scheurtjes in de rotator cuff. Wij verwijzen door naar een huisarts of orthopeed als aanvullend onderzoek nodig is.

Hoe behandel je schouder impingement

De behandeling richt zich op het herstellen van de subacromiale ruimte en het verminderen van de pijn. Bij Basis Fysiotherapie starten we altijd met een analyse van het bewegingspatroon. Wat veroorzaakt de inklemming in jouw specifieke geval? Pas dan stellen we een behandelplan op.

Oefentherapie vormt de kern van de behandeling. We trainen de rotator cuff om de bovenarm beter te centreren in het gewricht. We werken aan de stabiliteit van het schouderblad, zodat de arm soepel kan bewegen zonder te knellen. Hierbij letten we ook op de houding van de rug en de nek, omdat die de stand van de schouder direct beïnvloeden.

Soms voegen we manuele therapie toe om de beweeglijkheid van het schoudergewricht en de wervelkolom te vergroten. In overleg met de huisarts of specialist kan ook een corticosteroïdinjectie worden overwogen om de acute ontsteking te verminderen. Daarna hervatten we de oefentherapie. Bij een kleine groep patiënten is uiteindelijk een artroscopische ingreep nodig om de subacromiale ruimte chirurgisch te vergroten.

Schouder impingement is een veelvoorkomende klacht met een duidelijke oorzaak en een goede behandelprognose. Het vraagt om een nauwkeurige diagnose en een aanpak die past bij jouw situatie. Bij Basis Fysiotherapie brengen we de oorzaak van jouw inklemming in kaart en werken we gericht aan herstel van bewegingsvrijheid en kracht. Neem contact op en maak een afspraak, zodat we samen aan jouw schouder kunnen werken.

Adres

Openingstijden

Wij hebben dagelijks een lunchpauze van 12:30 – 13:00 uur.